Aanvulling? Meld het hier.
<<

Algemene toestand (1727 - 1733)

Mr. Groen van Prinsterer typeert deze periode in zijn 'Handboek der Geschiedenis van het Vaderland' op de volgende wijze: 'Nooit was de toestand en houding van de Republiek zo roemloos en onbeduidend. Oorlog ontwijken en geld besparen was het enige doel. Volksgeest en veerkracht schenen te bezwijken onder het loden juk van regenten, meesters van de burgerij. De macht van de Staten aan de macht van de vroedschappen ondergeschikt. De leiding van de Republiek van de willekeur van deze stedelijke colleges afhankelijk gemaakt. Geslachten, bijkans uitsluitend in de Regering geraakt en met de naam van Patricische Familiën vereerd, streefden naar erfelijkheid van gezag en schroomden niet zich omtrent de verdeling van ambten en bedieningen, als van wettig eigendom, in huishoudelijke overeenkomsten, te verstaan. Verantwoordelijk aan niemand en ijverig in wederkerige ondersteuning, werden zij de koningen van het land'.

Op 10 februari 1728 komt er een brief bij het stadsbestuur binnen van de Staten van Zeeland. Daarin wordt opgeroepen tot het houden van een algemene dank-, vast- en bededag op woensdag 18 februari 'omme den Almagtigen te danken voor dat Hij ons tot nu toe, door het arresteren van eenige praeliminaire poincten tussen de hooge parthijen en de contracterende Mogendheden buiten oorlog heeft gehouden ende om Denselven van wegens de onzekerheid van de nog durende vrede, te bidden voor de bestendigheid der selver afwending van alle verdiende plaegen ende wegneming van de nog in sommige plaatsen aenhoudende siekten'.

Ook op de 8e maart 1729 komt een brief van de Staten van Zeeland binnen waarin het houden van een algemene dank- en bededag op woensdag de 16e maart wordt uitgeschreven 'omme ter selven dage den Almagtigen te loven ende te danken voor Sijne genadige bescherming ende groote weldaeden tot hier toe aen het vaderland bewesen ende om voorts Denselven te bidden ende te smeeken om de genadige vergeving van alle hetselvs sonden ende ongeregtigheden, mitsgaders om een verderen Zegen over den Staet ende ingesetenen van dien, teneinde deselve bij hare vrijheid ende religie bewaerd ende alle wel verdiende plaegen van haer afgewend mogen werden en dat de vrede bestendigt moge blijven ende de middelen, daertoe aan te wenden voorspoedig mogen werden gemaekt'. Het stadsbestuur besluit deze missive te publiceren en hiervan kennis te geven aan de kerken binnen de stad en die ten plattelande.

Eind december 1729 komt er bij het stadsbestuur een bericht binnen van Gecommitteerde Raden 'dat het Hof van Zijne Majesteit van Groot Brittannie aan de raadpensionaris heeft meegedeeld dat aldaar die week op de rivier was gekomen een Engels koopvaardijschip die de onaangename tijding meebracht dat de Algerijnen onlangs vier rijk geladen Hollandse schepen zouden hebben genomen, met vele particulariteiten daar omtrent zijnde gepasseerd en dienende, met advies dat wij onze navigerende ingezetenen hier van mogen adverteren om haar zoveel doenlijk van schade te bevrijden'. Het stadsbestuur besluit de heer Francois de Keijzer als boekhouder van de twee hoekerschepen die van deze stad afvaren, hiervan kennis te geven met verzoek om hetzelfde te doen aan de portionarissen en schippers van deze schepen en zich voorzichtig in deze te gedragen.

Ook komt er in februari 1730 een brief van Gecommitteerde Raden van Zeeland tot het uitschrijven van een algemene dank-, vast- en bededag op de 8e maart, 'teneinde God Almagtig te danken voor dat Hij door Sijne onverdiende goedheijd ende genadige bescherming, ons lieve vaderland gehouden heeft in dien staat waarin het nog tegenwoordig is, ende vervolgens denselven met een ware boedveerdigheijt ernstig ende vuerig te bidden ende smeeken, om de vergeving van alle des Lands sonden ende ongeregtigheden mitsgaders om een verderen Segen over den Staat ende goede ingesetenen van dien, met verzoek van publicatie en van het geven van advertentie aan de Franse kerke'.

Het stadsbestuur neemt op 6 juni 1733 kennis van een brief van Gecommitteerde Raden met als bijlage een secrete resolutie van de Staten van Holland 'over het geprojecteerde huwelijk van den Prins van Orange met de kroonprinses van Engeland'. Besloten wordt 'deze te houden voor notificatie sonder dat eenige resolutie daar over verder is gevallen'.