Aanvulling? Meld het hier.
<<

Cultuur (1785 - 1792)

Burger Lees Sociëteit

Op de 15e september 1785 wordt de Burger Lees Sociëteit ‘Tot Nut en Vermaak binnen de stad Goes’ opgericht. Abraham Staal, directeur en secretaris van de Lees Sociëteit vraagt, mede uit naam van zijn mededirecteuren en de overige leden van de Sociëteit, toestemming ‘dat het aan de Sociëteit vrij staat om op haar naam en na behoorlijke tappersimpost betaald te hebben, zoveel wijn en bier bij hun medeburgers, die tevens wijnkopers en brouwers zijn, op te doen als zij nodig zullen oordelen’. Het stadsbestuur overweegt dat op grond van het 34e artikel van de Ordonnantie van de impost op de wijnen van 23 september 1637 colleges en gezelschappen in burgerhuizen ten laste van het gehele gezelschap wijn mogen opdoen. Besloten wordt dan ook dat het de Lees Sociëteit vrij staat op die voet wijn of bier voor hun consumptie op te doen.

Stads bibliotheek

Secretaris Van Citters legt op 9 augustus 1788 ‘een verzegeld Paquet waarin gesloten is een cierlijk gebonden exemplaar van een werk, door de weleerwaarde heer ds. P.J. de Fremery, hoogleraar in de Griekse taal en de Welsprekendheid alsmede Bedienaar des Goddelijken Woords te ’s-Hertogenbosch, opnieuw uitgegeven en met zijn aantekeningen verrijkt, mitsgaders een missive van hem van de 18e met het verzoek dat dit werk in de stads bibliotheek mocht worden geplaatst als een blijvend gedenkteken van hoogachting van het stadsbestuur en een dankbaar aandenken aan de gemeente binnen deze stad’.
Het stadsbestuur besluit ds. De Fremery voor het toegezonden geschenk te bedanken en te betuigen dat ‘het stadsbestuur dit met aangenaamheid heeft ontvangen om daarmee de Stads Bibliotheek te vercieren’.